Condensatie

Een groot probleem, vooral bij ontoereikend geïsoleerde stallen, opslaghallen en bewaarplaatsen, is de vorming van condenswater (onder het plafond). Dat treedt altijd op bij koudebruggen, dus op plaatsen waar de isolatie ontbreekt. In de winter, vooral wanneer het vriest, is er vaak sprake van dit probleem. De wanden en het dak koelen dan namelijk in korte tijd veel af en binnen is het veel warmer dan buiten. Om de vorming van condensatie tegen te gaan, moet de warmteoverdracht tussen de binnen- en buitenomgeving dus beperkt worden.

Condensatie in stallen

Als het condenswater op de dieren druppelt, kan dat zeer nadelige gevolgen hebben. Bij gevogelte bijvoorbeeld kan het leiden tot bevriezing van de kam. Treedt condensatie op in combinatie met een hoge temperatuur, dan eten de dieren minder en zullen ze vermageren. Bovendien werkt condens de vorming van schimmels en bacteriën in de stallen in de hand.

Condensatie in schuren en bewaarplaatsen

Als condensdruppels zich aan het plafond blijven hechten, is er geen probleem voor de producten. Komen de druppeltjes echter in contact met uw opgeslagen groente of fruit, zoals aardappelen, dan zal er kwaliteitsverlies optreden. Aardappelen moeten namelijk droog opgeslagen worden en als de bovenste laag nat is, zullen de aardappelen snel rotten. Voor elke groente of fruit geldt dat condensatie moet worden tegengegaan.

Isolatie tegen condensatie

Isolatie is onmisbaar in de strijd tegen condens. De Isofekt®PLUS spuitschuim isolatie wordt aan de binnenzijde van het stalplafond – naadloos en ter plaatse – aangebracht. Het maakt daarbij niet of er nog geen of al wel isolatie aanwezig is bij het plafond. Eventueel voorkomend condens kan met Isofekt®PLUS isolatie alleen naar buiten treden. Op die manier heeft het geen bijwerkingen voor de dieren. Heeft u al isolatie in uw stal, maar is deze niet naadloos, dan kunnen de medewerkers van Hallen en Stallen Isolatie ook daar Isofekt®PLUS aanbrengen.